Posts tonen met het label eigen bedrijf. Alle posts tonen
Posts tonen met het label eigen bedrijf. Alle posts tonen

maandag 23 november 2009

Wijsje

Het gebeurt me niet vaak, maar vanochtend werd ik wakker met een wijsje in mijn hoofd. En terwijl ik dit schrijf weet ik dat er een aantal mensen zullen zijn die, als ze dit lezen, dat Kinderen voor Kinderen melodietje voorlopig niet uit hun hoofd kunnen krijgen. Het zij zo, ik kan het tenslotte òòk niet helpen. Gelukkig was het wijsje van vanmorgen van een heel andere orde. Het betrof een fragment van een musicalliedje uit Mary Poppins dat begint met de woorden: ‘With tuppence for paper and strings, you’ve got your own set of wings..’

Nu zijn de associaties van mijn brein niet altijd even duidelijk in hun oorsprong, maar deze kon ik moeiteloos plaatsen. Ik heb het licht namelijk gisteravond uitgedaan na het lezen van enige pagina’s uit Agatha Christie’s Postern of Fate,waarin Thomas en Tuppence Beresford de hoofdrol vertolken. Een eitje dus, maar tegelijkertijd vroeg ik me af of de associatie niet eigenlijk verder ging.
Het liedje gaat natuurlijk over vliegeren, maar het gaat net zo goed over vrijheid. Vooral de vrijheid die je kunt voelen als je aan het vliegeren bent: With your feet on the ground/ you’re a bird in flight/ With your fist holding tight/ to the string of your kite.

Als zelfstandig ondernemer heb je een behoorlijke dosis vrijheid, maar toch zijn er telkens weer mensen die vinden dat ik het anders zou moeten doen. Mensen die commentaar hebben op de manier waarop ik mijn sales bedrijf, die vinden dat het regelmatig updaten of veranderen van mijn websites zonde van de tijd is, of vinden dat ik me toeleg op de verkeerde markten en daarmee de moeilijke weg kies. Ik luister meestal wel naar hen, wellicht zit er in hun commentaar tenslotte een leermoment, maar meestal kan ik er weinig mee. Goede raad is welkom, maar meestal zegt het gegeven commentaar méér over de persoon die het commentaar uitspreekt dan over mij, degene over wie het commentaar zou moeten gaan.

Het is me opgevallen dat er namelijk vaak een verlangen uit spreekt om zelf ook de dagelijkse sleur te doorbreken, maar overwegingen als ‘hypotheek’, ‘zekerheid’ en ‘verplichtingen’ verhinderen dat.
Als ik ze vervolgens vertel dat ook ik gewoon, en net als zo velen, een hypotheek heb en òòk de nodige (financiële) verplichtingen, dan is dat opeens anders. Ook het feit dat ik nog steeds dagelijks aan het knokken ben om ook maar enig gevoel van ‘zekerheid’ te verkrijgen, valt dan blijkbaar in die categorie. Vreemd.

Het verhaal wat ik ze meestal als antwoord meegeef (en ook vertel aan de startende ondernemers die ik mag begeleiden) kan, met een beetje moeite, omgebouwd worden tot een analogie van het vliegeren:
Het kost niet veel geld om je eigen zaak te beginnen. Met (relatief) een paar centen (tuppence for paper and strings) ben je er doorgaans al. Wat er echter daarna gebeurt, hangt grotendeels af van twee factoren: je eigen vliegerkunst èn een beetje geluk. Er moet namelijk wel wind staan, anders kun je blijven rennen zonder dat je vlieger ooit het luchtruim zal kiezen. Gelukkig leven we in Nederland in een situatie waarin er vrijwel altijd wind staat. Wellicht niet altijd voldoende om je vlieger tot grote hoogte te doen opstijgen, maar je kunt er toch bij vliegeren.

Wacht je echter met het oplaten van je vlieger tot de meest gunstige omstandigheden zich voordoen, dan kun je wel eens erg lang moeten wachten. Langer soms, dan je jezelf financieel kunt of wilt veroorloven. Ben je echter op het moment dat de wind opeens opsteekt al aan het vliegeren, dan kun je er vanaf het allereerste moment optimaal gebruik van maken. Je kunt je vlieger alsmaar hoger laten stijgen, net zolang als je touw is, of je kunt het wat voorzichtiger aan doen zoals de meesten. Het wordt dan misschien allemaal wat minder spectaculair, maar je spullen blijven er wel heel bij, de voldoening is vaak even groot, en bovendien kun je de tijd gebruiken om te oefenen. Zodoende bereid je jezelf voor om optimaal te profiteren van de volgende windvlaag.

23-11-09

vrijdag 17 april 2009

Rouwproces II

Net weer een beetje terug mens en dan gevecht moeten leveren met je werkgever over je baan. Ik wist al dat mijn oorspronkelijke functie, althans de benaming ervan, was opgeheven. Bovendien wist ik, al sinds de overname in 2004, dat men mij graag kwijt wilde. Maar dat mijn werkgever tot deze leugens in staat zou zijn kan ik nog steeds niet goed begrijpen. Vooral ook niet omdat er voor mij, én na mij, meer collega’s voor de rechter hebben gestaan die vrijwel allemaal óók van de rechter gelijk hebben gekregen. Omdat al die rechtszaken echter bij verschillende rechtbanken door het hele land hebben gediend, is er dus geen rechter geweest die eens in de archieven is gedoken en bekeken heeft dat deze werkgever wel heel veel personeel heeft dat opeens niet meer deugd.

Ik besef me heel goed dat ik die strijd niet aan zal gaan: ik win er niets mee en het levert me feitelijk ook niet veel op. Wat zou een rechter namelijk kunnen zeggen? ‘Foei, mijnheer de werkgever, dat mag u nooit meer doen!’ of zoiets? Ik twijfel trouwens of er überhaupt een zaak van te maken zou zijn, want je kunt aanvoeren dat het steeds om verschillende gevallen en verschillende mensen gaat. Toch steekt het dat het steeds dezelfde werkgever betreft en dat er verder nog tal van acties zijn uitgevoerd waarbij mensen meer werk moesten doen tegen minder slaris. Iets waar ze bepaald niet de schoonheidsprijs mee verdienen, zeker niet als je meeneemt hoe dergelijke ‘afspraken’ tot stand komen.

Maar goed, de situatie is nu eenmaal zoals ze is en ik moet verder. Toch merk ik dat het toch voelt als een rouwproces. Een rouwproces waarbij, vlak voor het eind, dingen zijn gezegd en beweerd die ronduit verzonnen en gelogen zijn. Zo had mijn werkgever een mail aan zijn dossier tegen mij toegevoegd waarin mijn liefste de vele vrienden bedankte voor hun belangstelling, bezoekjes en bezorgdheid in de meest spannende weken. Heel slim had ze een mailgroep aangemaakt zodat ze het hele verhaal niet steeds opnieuw hoefde te vertellen, iedereen kreeg regelmatig een schriftelijke update met de laatste nieuwtjes en vooruitzichten.

Nu had ik gesteld dat mijn werkgever ronduit nalatig was geweest tijdens zowel de hernia- als de daarop volgende ziekenhuisperiode. Om dit te kunnen weerleggen had men de hand weten te leggen op dat bedank-mailtje en dacht daarmee te kunnen aantonen dat ze wel degelijk betrokken waren geweest, men had namelijk dat bewuste mailtje. Alleen was nogal opvallend dat alle geadresseerden waren verdwenen. Wij konden gelukkig simpelweg aantonen dat niemand op het hoofdkantoor op de adressenlijst stond en dat de dankwoorden in het bericht dus helemaal niet voor hen waren bedoeld. Een ander opmerkelijk item was de brief waarin de beëindiging van mijn allereerste halfjaars-contract in 1989 werd aangekondigd. Die brief was aan het dossier toegevoegd onder het mom van ‘’…toen wilden ze hem ook al kwijt!’ Maar ook daar was het weerwoord simpel door te stellen dat dit een automatisch brief betrof, en er een heleboel mensen bijna twee decennia lang hadden zitten slapen als ik negentien jaar later nog steeds in diens bleek te zijn.

Wat me ook erg tegen stond was de pogingen die men deed om mijn functie-inhoud af te zwakken. Er werd van alles beweerd, maar ik kon elke bewering tegenspreken en onderbouwen met officiële memo’s en brieven, stuk voor stuk ondertekend door mijn werkgever en/of personeelszaken. Stukken waarin precies het tegenovergestelde werd medegedeeld van wat men nu probeerde te beweren. Gelukkig was de rechter niet bevattelijk voor het slappe verweer van ‘..dat hebben we zo meegedeeld voor het personeel! De werkelijkheid was anders…’

En nu zijn we ruim een half jaar verder. Ik ben druk bezig een nieuw leven op te bouwen te midden van alle verdriet die sindsdien over ons is uitgestort. De ernstige en levensbedreigende ziekte van mijn schoonvader, de voortschrijdende ziekte van mijn eigen vader en diens uiteindelijke opname en, last but not least, het overlijden van mijn lieve schoonmoeder na een lange en moedig gedragen ziekte. En ik begrijp ook wel dat het behoorlijk veel is wat we de afgelopen jaren te verstouwen hebben gekregen. We zitten nog middenin het afscheid nemen van ‘Mammie P.’ (zoals ik haar noemde) en intussen is er her en der weer het een en ander gebeurd, zoals mijn beste vriend die door een hele moeilijke periode heen gaat. Als mens kan me dat nu eenmaal bepaald niet onberoerd laten, vooral niet als je er zo dicht bij betrokken bent. Vreemd is het dus bepaald niet als de pijp op een bepaald moment even leeg blijkt te zijn. En dat komt eigenlijk nooit uit. Ik zit middenin een leertraject en moet over een paar weken een volgende ‘proeve van bekwaamheid’ afleggen. Voor dat het echter zover is moet ik nog een hele berg werk verzetten, maar er komt niet veel goeds uit mijn handen momenteel.

Daarom heb ik besloten deze dagen tot ‘mij-tijd’ te bestempelen. Tijd waarin ik even niets hoef en waarin in ook even niets anders ga doen dan voor mezelf en voor mijn allerliefste zorgen. Morgen staat een etentje op het programma met mijn beste vriend en zijn vriendin, een ‘first’ na alle perikelen van de afgelopen weken. Ik hoop dat we dat etentje kunnen afsluiten, een goed glas wijn in de hand, met een positieve kijk op de toekomst. Ik ben namelijk allesbehalve negatief gestemd over die toekomst, het positieve is alleen een beetje ondergesneeuwd.

De komende dagen ga ik dus vooral gebruiken om voor mezelf een aantal zaken af te sluiten, of ik ga in ieder geval een poging daartoe doen. En ook al zitten de omgevingsfactoren niet echt mee, er is meer dan genoeg om blij mee te zijn en dat moet weer naar de voorgrond. Bovendien moet ik me weer gaan realiseren dat ik wel een vriend of echtgenoot kan zijn, maar dat ik niet van mezelf hoef of kan verwachten dat ik een ieders problemen kan oplossen. Er zijn en luisteren is vaak al genoeg, al zou ik dolgraag vaak zoveel méér voor mijn dierbaren willen betekenen. Daarna gaat mijn focus terug naar het KEB-traject. Ik kan en wil dat succesvol afsluiten. De komende twee presentaties moeten dus gelikt en goed worden, al weet ik momenteel nog bepaald niet hoe. Maar lukken gaat het!

En dat rouwproces? Tijd heelt vele wonden, maar bepaald niet alle. Er is mij onrecht aangedaan, er is ronduit gelogen, maar ik ben in het gelijk gesteld. Toch blijft er ergens het gevoel hangen dat ik tegelijkertijd heb verloren. Een gevoel dat ik dus los moet zien te laten omdat het me hindert in wat ik aan het opbouwen ben: een nieuw leven en een nieuw bedrijf.

Een paar nachten goed en lang slapen zal ook helpen, net als een zonnetje en het vooruitzicht dat ‘D’Olle Grieze’ (= mijn grijze 2CV) binnenkort weer van stal kan. Eind mei gaan mijn liefste en ik op vakantie, een welverdiende vakantie. Ik hoop dan ook op het vliegtuig te kunnen stappen met één gedachte in mijn hoofd: ‘het was best zwaar allemaal, maar we hebben het gered!’ Om dan na de vakantie uitgerust en bruinverbrand terug te keren, trappelend van ongeduld om mijn nieuwe bedrijf officieel van start te laten gaan!

17-04-09 II