maandag 2 november 2009

La Fura dels Baus


Het gebeurt me niet vaak dat ik gegrepen wordt door een theatervoorstelling. Vaak is het niveau bedroevend, of wordt er ronduit slecht geacteerd. De voorstelling die ik echter vrijdagavond in het Parktheater in Eindhoven mocht bijwonen was van een geheel andere categorie.

Het Spaanse gezelschap ‘La Fura dels Baus’ bracht die avond ‘Boris Godunov’, een voorstelling gebaseerd op de gijzeling in het Dubrovka-theater in Moskou van 23 oktober 2002. Die avond vallen Tjetsjeense zelfmoordcommando’s het theater binnen en gijzelen de bezoekers. Ze eisen de terugtrekking van de Russische troepen uit hun land, en dreigen het theater op te blazen als er niet aan hun eisen wordt voldaan. Als de veiligheidstroepen het theater dagen later binnenvallen met behulp van gas, komen 41 terroristen en 129 gijzelaars bij die actie om het leven.

Experimentele theatergroep ‘La Fura’ uit Barcelona, dat bekend staat om zijn spraakmakende en intense stukken, heeft haar nieuwste voorstelling gebaseerd op die gebeurtenissen. Niet dat de gebeurtenissenexact worden nagespeeld, maar regisseur Alex Ollé wil de toeschouwer laten nadenken over universele thema’s als het gevecht om de macht, het gebruik van geweld om iets voor elkaar te krijgen en corruptie. En daarin slaagt de voorstelling buitengewoon.

Als toeschouwer is deze voorstelling duidelijk afwijkend. De verwachtingen zijn dan ook hoog gespannen. Vooraf is uitgebreid gewaarschuwd dat deze voorstelling ‘levensecht’ is. Het foldertje rept zelfs: ‘Voor mensen die op enige wijze gevoelig zijn voor dreiging, geweld en/of agressie, is een waarschuwing op zijn plaats. De minimumleeftijd is 16 jaar.’

Zodra het doek open gaat lijkt het een voorstelling als alle anderen. Er worden op het toneel scènes gespeeld uit de tijd van de Tsaren, maar reeds na tien minuten wordt de toneelvoorstelling wreed verstoord als gemaskerde en zwaar bewapende mannen de zaal binnenstormen. Er worden verschillende schoten gelost en op strategische plekken in de zaal worden explosieven opgesteld. En héél even besef ik me hoe die theaterbezoekers in Moskou zich moeten hebben gevoeld.

Het zal achteraf een van de weinige momenten zijn dat ik me echt in de voorstelling liet meeslepen. Russen die Spaans spreken, talen die ik beide niet machtig ben, storen erg. Bovendien is er gekozen voor boventiteling, wat òòk erg afleidend werkt. Tel daarbij ook nog eens een tenenkrommende vertaling zonder interpunctie op, met hoofdletters waar ze niet horen, en een onduidelijk onderscheid wie welke zinnen heeft uitgesproken, en de magie is er wel zo’n beetje af.
Heb ik er spijt van dat ik deze bijzondere voorstelling heb bezocht? Nee. Ik hou wel van dergelijk belevingstheater, maar ik zou toch een aantal zaken anders doen. Vind ik dat de voorstelling voldaan heeft aan de verwachtingen die in de media gewekt zijn? Ook niet echt.

Er is duidelijk goed over nagedacht en er is veel liefde en aandacht aan de voorstelling besteed. Maar een invasie van politie verbeelden met één lullig politiegolfje is òòk niet bepaald overtuigend.

Toch staan mijn liefste en ik een paar uur later als andere mensen weer buiten. We hebben geen behoefte aan de slachtofferhulp die aanwezig schijnt te zijn, noch enige aandrang om ons met een verfkwast uit te leven op de muur die speciaal daarvoor is aangewezen. De voorstelling heeft ons beiden toch tot nadenken aangezet, en dat is al véél meer dan van menige voorstelling kan worden gezegd. Onze conclusie is dan ook dat we een speciale avond hebben mogen meemaken, waar het nodige op viel aan te merken. Maar het heeft ons ook weer eens met de neus op de feiten gedrukt. Er zijn in deze wereld veel groeperingen die er niet voor terugdeinzen om met de inzet van geweld hun ideologie over te brengen of iets gedaan proberen te krijgen. In onze ogen iets wat erg ver van ons bed staat en ook nooit getolereerd zou mogen worden.

Toch kan ik het niet nalaten om in bed er nog eens over na te denken hoever ik zou kunnen gaan in het bereiken van mijn idealen, of het najagen van iets wat ik als rechtvaardig zie. Zou ik geweld kunnen gebruiken? Zou ik in staat zijn onschuldige omstanders voor mijn zaak op te offeren? Zou ik kunnen moorden?
Nog voor de slaap mij overvalt weet ik één ding zeker: ik hoop maar dat ik mezelf nooit voor dergelijke keuzes geplaatst zie. Ik zou dan namelijk best wel eens héél anders kunnen reageren dan ik nu denk.

02-11-09

woensdag 28 oktober 2009

Huishoudboekje

Of je nu als particulier of als ondernemer de zaak bekijkt, als je huishoudboekje niet klopt kun je twee dingen doen: proberen je inkomen te vergroten of snijden in de kosten. Aangezien voor veel mensen het inkomen feitelijk een vast gegeven is, zal het resultaat vooral geboekt moeten worden aan de kostenkant.
In deze tijden van crisis ontkomt menigeen er niet aan om (grote) offers te brengen. Geliefde abonnementen op kranten en tijdschriften gaan de deur uit, er wordt drastisch bezuinigd op vakantie en andere uitstapjes, er wordt gerichter boodschappen gedaan waarbij de impulsaanbiedingen steeds vaker worden overgeslagen en er wordt weer brood meegenomen naar het werk. Vervelend allemaal, maar na wat gewenning best mee te leven.

Opvallend is dat vanuit de politiek bovenstaande simpele principes opeens geheel anders blijken te werken. Als het landelijke huishoudboekje namelijk niet klopt, wordt er allereerst een hoop nieuwe inkomstenbronnen bedacht. Gelukkig worden daarbij niet alle ideeën daarvoor even serieus bekeken, denk aan de ‘kopvoddentaks’, maar het principe werkt wel zo. In plaats van eerst te kijken wat je als overheid zelf kunt doen door efficiënter te werken en te snijden in dure en volstrekt overbodige ambtenaren, wordt de rekening steevast neergelegd bij de burger en het bedrijfsleven. Zij moeten maar gaan beknibbelen op hun uitgaven, zodat er méér geld naar de staatskas kan vloeien en de overheid door kan blijven gaan met ongelimiteerd geld uitgeven. Volstrekt de omgekeerde wereld dus.

Maar af en toe is er een politicus die de schijn kan doen ontstaan er echt iets van te (beginnen te) begrijpen. Vanmorgen was dat héél toevallig Wouter Bos. Niet echt mijn allergrootste held in de politieke arena, maar deze ochtend slaagde hij er wonderwel in mij ertoe te verleiden zijn woorden met enige bewondering tot mij te nemen, in plaats van de gebruikelijke hartgrondige afkeer. De man heeft namelijk op een bijeenkomst over de aow in Venlo geroepen dat we best de waterschappen kunnen opheffen.

Eén moment slechts was ik bezorgd over de geestelijke en mentale gesteldheid van de heer Bos, maar hij leek het daadwerkelijk te menen. Hij ging weer niet zover dat hij beloofde dat de besparing die dat zou opleveren de verhoging van de aow-leeftijd teniet zou doen, noch dat de opheffing nu eens niet zou leiden tot lastenverzwaring elders, maar het sprankje hoop was er.

Hoop is er trouwens wonderwel op meerdere terreinen. Nu de geruchtenstroom aanzwelt dat JP gerede kans maakt om de eerste Europese president te worden zeg ik: ‘Ik gun het hem van harte!’ Wellicht eerlijker zou zijn om te zeggen: ‘Ik gun Europa onze JP van harte!’, maar dat zult u van mij niet hardop horen. Ook al niet omdat eventuele vervroegde verkiezingen alhier de PvdA nogal slecht zouden uitkomen vanwege hun voortreffelijk lage scores in de peilingen. Oeps! Zei ik dat nu echt hardop? Excuses daarvoor!

Terug naar het huishoudboekje, en dan met name het mijne. Het is in deze tijden bepaald niet gemakkelijk om als ww-er een eigen bedrijf uit de grond te stampen, maar ik blijf me er met hart en ziel voor inzetten. Het ondernemersbloed kruipt tenslotte waar het niet gaan kan, en ik zie voldoende kansen voor de (nabije) toekomst om mijn eigen winst en verliesrekening in een heel wat positiever plaatje om te toveren, maar daar is wel tijd voor nodig. Méér tijd dan de zes maanden die de regels mij toestaan. Daarom roep ik iedereen op om het plan van CDA-ers Jan ten Hoopen en Eddy van Hijum te steunen en in deze crisistijd de opstartperiode te verlengen tot één jaar. Het enige minpuntje in de plannen van de beide heren is dat ze uitgaan van een ondergrens van 45-jarigen, en ik die leeftijd wel benader, maar nog niet heb bereikt.

Met een beetje méér tijd ben ik zeker in staat om financieel voor mezelf en mijn liefste te kunnen zorgen. Ik heb tal van hoopvolle initiatieven opgestart, maar geen van die initiatieven gaat, naar mijn inschatting, op korte termijn al voldoende opleveren om binnen de gegeven zes maanden volledig financieel zelfstandig te kunnen zijn. Daar is iets meer tijd voor nodig.

Voor wat mijn eigen huishoudboekje betreft, ben ik dus optimistisch gestemd. Ook ik kan, op termijn, er zeker voor zorgen dat aan de inkomstenkant het een en ander positief gaat veranderen. Ik heb alleen niet de luxe om de tijd die ik daarvoor nodig heb als verplichting op te leggen. Daar heb ik de politiek, èn een welwillende re-integratiecoach van het werkbedrijf voor nodig. Ik kan er alleen maar keihard aan werken.

28-10-09