maandag 16 juni 2008

De kiezer is niet dom!

Volgens opiniepeiler Maurice de Hond hebben kiezers steeds minder binding met de gevestigde partijen als CDA, PvdA en VVD. Overheersend is het gevoel dat er toch niet naar hen wordt geluisterd, een gevoel waarin ik me steeds beter kan vinden.

Op het NOS journaal werd verslag gedaan van het partijcongres van de PvdA, afgelopen weekend in Breda, en mijn mond viel open van verbazing. Vanaf het podium werd het toegestroomde gehoor vooral voorgehouden dat er wel èrg veel geklaagd wordt. Dit kabinet boekt, in de woorden van de diverse PvdA prominenten achter het spreekgestoelte, namelijk wel degelijk vooruitgang, het wordt alleen ´slecht uitgelegd´. In mijn woordenboek heet zoiets een ´schaamteloos understatement´!
Zwalkende standpunten, het ene beweren en vervolgens precies het tegenovergestelde doen en de enorme lastenverzwaringen voor de burger. Zie daar het ´schitterende resultaat´ voor de Nederlandse burger na een kleine twee jaar met de PvdA (mede) aan het roer. En of dat allemaal nog niet genoeg was, vond Bos het ook nog nodig om ons mede te delen dat we maar moesten wennen aan een onveranderd hoge olieprijs. Die zal, door de enorme vraag vanuit landen als India en China, namelijk nooit meer significant dalen. Er zit dus niets anders op dan er maar aan te wennen. Hij vergeet er alleen bij te vermelden dat de regering het allergrootste deel van die literprijs in eigen zak steekt en hij, mocht de olieprijs toch onverhoopt dalen, met een aantal belasting- en accijnsverhogingen de prijs gewoon kunstmatig hoog zal blijven houden. Bos vindt het, met die gedachte in het achterhoofd, daarom ook niet nodig om de (midden)inkomens te compenseren voor die hoge brandstofprijzen, en ziet hij al helemaal geen reden om de geplande BTW verhoging van 1 juli a.s. uit te stellen of helemaal maar af te schaffen. Dat laatste zou tenslotte alleen maar leiden tot ´lastenverzwaring elders´.

Het is alweer een flink aantal jaren geleden, maar ik herinner me het nog goed: de eerste lessen in de beginselen van het boekhouden. Het basisprincipe is simpel: je kunt niet meer geld uitgeven dan je hebt. Maar op de een of andere manier geldt dat principe blijkbaar niet als je deel uitmaakt van de regering. Dan mag je blijkbaar allerlei mooie en geldverslindende plannen bedenken zonder erbij stil te hoeven staan of er eigenlijk wel geld voor is. Het benodigde geld vind je namelijk steevast in de zakken en de portemonnee van de domme en hardwerkende burger. Middels een aantal simpele belasting- en accijnsverhogingen is dat geld namelijk simpelweg ´vrij te maken´ en komt het jouw kant op, en kun je aan de slag. Dat de kosten vervolgens minstens drie keer hoger blijken te zijn dan vooraf geraamd, kun je altijd weer afdoen met een simpel ´foutje, sorry!´, en iedereen is weer happy. Althans, dat denkt men blijkbaar.

Ik blijf het echter opvallend vinden dat een dergelijke manier van handelen in de politiek volledig geaccepteerd lijkt te zijn, terwijl in het bedrijfsleven een dergelijke manier van handelen wordt beschouwd als ´volslagen incompetent´ en bovendien wettelijke grond oplevert voor ontslag. Toch blijven de PvdA prominenten volhouden dat ze het ´blijkbaar niet goed uit kunnen leggen´. Ja, ammehoela! Sommige zaken kun je eenvoudigweg niet uitleggen aan de kiezer, welk verhaal je er ook aan ophangt. De kiezer mag dan vaak reageren vanuit de waan van de dag, vanuit de onderbuik of soms vanuit een gevoel van angst, dom zijn ze toch echt in geen geval. Naïef soms, maar dom absoluut niet. En ja, de kiezer heeft de partij van Bos, in een vlaag van verstandsverbijstering, dan wel een mandaat gegeven in 2006, ik waag het toch ernstig te betwijfelen of Bos, zoals hij zijn gehoor zaterdag nog grappend voor hield, bij de volgende verkiezingen wel ´even´ het aantal van 76 zetels zal weten binnen te halen dat hij nodig heeft voor een absolute meerderheid. Nu weet ik natuurlijk niet in welke kamer Bos die zetels denkt te bemachtigen, al heb ik wel zo´n donkerbruin vermoeden, maar in de Tweede Kamer zal het toch hopelijk niet zijn. Hij zal het, wat mij betreft en in het gunstigste geval, dan toch moeten doen met ingehuurde klapstoeltjes op de publieke tribune. Want, in tegenstelling tot wat er bij de partij blijkbaar wordt gedacht, de kiezer is echt niet zó dom. Natuurlijk weet ik wel dat opiniepeilingen niet de meest betrouwbare graadmeter zijn, maar een terugval in zetels van 33 naar 17 zou toch minstens een páár alarmbellen moeten doen rinkelen. Het zou hem ondertussen toch ook wel duidelijk moeten zijn dat er veel meer aan de hand is bij de kiezer dan alleen maar een gebrekkige pr. De kiezers zijn de voortdurende gedraai, de betutteling, de lastenverzwaringen, de loze beloften en het beschamende regentengedrag van deze regering namelijk méér dan zat! Maar Bos ziet het allemaal niet zo somber. Hij houdt het er gewoon op dat we hem niet snappen, een dat feit dat bij mij inmiddels alle alarmbellen heeft doet rinkelen.

Even leek er nog wat hoop te gloren aan de horizon, toen Rouvoet liet weten de kwestie van de (uitbreiding van de) embryoselectie ´een kabinetscrisis waard te vinden´, maar nu de CU op dit dossier een compromis heeft gezocht, is die hoop voorlopig de bodem weer in geslagen. En terwijl Balkenende zich uitgebreid en op onze kosten laat fêteren bij allerlei sportfestijnen, knarsen de tanden van de uitgeknepen kiezer luider en luider. Zoals het er nu uitziet zullen we weliswaar nog even moeten wachten, maar zodra er weer verkiezingen zijn is de beurt weer aan de kiezer. Wat er dan voor Bos en de PvdA overblijft? Ik heb er zo mijn ideeën over, maar fraai zal het allerminst zijn.

16-08-06

zaterdag 14 juni 2008

Zestig!

In 1935 gaf de Franse autobouwer André Citroën de opdracht om een TPV te ontwerpen voor gebruik op het ruige platteland. Daarbij was vooral belangrijk dat de auto zuinig, goedkoop, duurzaam en eenvoudig te bedienen moest zijn. Uiterlijk was daarbij volstrekt onbelangrijk.

Na marktonderzoek bleek dat de doelgroep vond dat deze TPV (= Toute Petite Voiture) een tweetal boeren, een kilo of wat piepers of, ook niet geheel onbelangrijk, een vat wijn van 50 liter probleemloos moest kunnen vervoeren. En dan niet alleen over de weg, maar zeker ook dwars over het veld. Bovendien moest er genoeg hoofdruimte overblijven voor de boeren om een hoed te dragen als ze zondags ter kerke gingen.

Stond het originele prototype oorspronkelijk gepland stond voor lancering op de ´Salon d´Automobile´ van oktober 1939, de naderende oorlog zorgde ervoor dat het uiteindelijke ontwerp, op vele punten aangepast en behoorlijk veranderd t.o.v. het prototype, pas in 1948 haar wereldpremière beleefde. Onder de oorspronkelijke doelgroep, de boeren, was de TPV meteen een enorm succes, ze omarmden het autootje meteen. Het feit dat Citroën het autootje in het begin als gratis reclame leverde aan boeren, huisartsen en kunstenaars, is daar zeker debet aan. De enorme populariteit deed de wachttijd zelfs oplopen tot drie jaar! Toch begon toen een zegetocht die nog tot op de dag van vandaag voortduurt. En, alhoewel projectleider Boulanger het project ooit als ´paraplu op wielen´ omschreef, heeft de 2CV inmiddels haar plek als stijlicoon gevonden in ons collectieve geheugen.

Er is mij, als 2CV- eigenaar èn –rijder vaak, en ietwat smalend, gevraagd om de liefde voor de ´lelijke eend´ onder woorden te brengen. De 2CV mag dan wel prettig en nostalgisch ogen, maar verder is ze vooral Spartaans en voorzien van weinig luxe of uitrusting. Het enige wat ik tegen dergelijke criticasters wil zeggen is het volgende:
´Mes Amis, ik kan jullie alleen maar betreuren! Wie het enorme plezier en genot niet kent van een 2CV met open dak op een zonnige dag, heeft nog nooit waarlijk geleefd. Het is namelijk de enige auto die ik ken die niet alleen een glimlach tovert op het gezicht van zijn berijder en diens passagiers, maar ook op het gezicht van een ieder die hij onderweg tegenkomt. In geen enkele andere automobiel die ik ooit heb gereden, heb ik zoveel vriendelijkheid en liefde ontvangen als in de vele kilometers in de 2CV. Ik ben door wildvreemden deelgenoot gemaakt van eerste liefdes, strandfeesten uit lang vervlogen tijden, nostalgische kampeervakanties en een heel scala aan andere plezierige, én minder plezierige, (jeugd)herinneringen. Stuk voor stuk gedeeld door vrienden die, tot een paar seconden daarvoor, nog volstrekte vreemden waren. Want de 2CV verbroedert. Of ik nu de binnenwegen van ons eigen land, van België, of waar dan ook in Europa verken, ik ontmoet overal alleen maar vrienden. En nee, ik ga niet hard, maar waarom zou ik ook? Ik heb tenslotte geen haast. Mijn leven wordt, achter het stuur van mijn ´Olle Grieze´ niet krampachtig voortgedreven door mobieltjes, Ipods of afspraken. Mijn enige afspraak is met de einder, en het maakt niets uit hoe lang ik erover doe om er te komen. De reis erheen is het avontuur tenslotte, nooit het einddoel. En mocht ik onverhoopt onderweg behoefte hebben aan een korte pauze, met een simpele beweging staat mijn achterbank naast de auto en kan ik in alle comfort en op ´t gemakje kijken hoe jullie voorbij razen, terwijl het leven onderwijl en ongemerkt aan je voorbij trekt.
Of ik iets mis? Neen, absoluut niet! Mocht ik een keertje zwaar beladen zijn, dan kan ik met een simpele beweging de koplampen van binnenuit bijstellen. Oh, dacht je dat zoiets alleen in een ´moderne auto´ kon? Een boordcomputer? Ook die heb ik niet, dus die kan ook niet kapot gaan. En waarom zou ik die trouwens nodig hebben? Om bij te houden waar ik ben en hoe snel ik er ben gekomen? Voor mij is wat ik onderweg heb gezien en wie ik onderweg heb ontmoet van een véél groter belang. Startproblemen? Nee hoor. Als ze een keertje wat moeite heeft om op gang te komen dan heb ik altijd nog de slinger. Wat dat is, een ´slinger´? Tja, dát is inderdaad een probleem. Een slinger, beste vriend, is zelfredzaamheid zónder de wegenwacht te hoeven bellen. Ok, het vraagt enige handigheid, maar als je de slag eenmaal te pakken hebt, is het een fluitje van een cent.
Die snelheid, daar blijf je op hameren he? Laat ik het je dan zo zeggen. Als we tegelijkertijd vertrekken richting de Côte d´Azure, ben jij wellicht een paar uur eerder op de plaats van bestemming dan ik, maar je bent dan nog net zo wit en gestrest als toen je vertrok. Ik, daarentegen, ben volledig uitgerust, vrij in mijn hoofd, en bovendien reeds bruin gebrand als ik een uurtje of twee later bij je aanschuif op het terras. Dus, ben ik zoveel slechter af? Ik denk het niet. Maar, wat je er ook van mag vinden, ik daag je uit om het gewoon eens te proberen. Daarna praten we wel weer verder! Maar bedenk wel, een rijder in een eendje is er niet zomaar eentje´

14-06-08