Posts tonen met het label weg. Alle posts tonen
Posts tonen met het label weg. Alle posts tonen

maandag 25 juni 2012

'Kunt u me naar opa en oma brengen?'

Op de taxi maak ik soms dingen mee waarvan ik niet precies weet wat ik er mee aan moet. Zo ook de afgelopen week. Ik was gestopt om een van mijn vaste cliënten weer thuis af te zetten. Deze cliënt zit in een rolstoel, dus voordat zo'n cliënt weer goed en wel binnen is ben ik even bezig. Terwijl ik bezig was de rolstoel veilig op de lift te manouvreren hoorde ik achter mij een klein stemmetje om mijn aandacht vragen.
"Meneer?"
Ik reageerde blijkbaar niet snel genoeg, want meteen klonk het weer: "Meneer, u bent een taxi he?"
Me half omdraaiend zag ik een blond en een donkerharig meisje van een jaar of zes verwachtingsvol naar boven kijken.
"Ja, dat klopt" antwoordde ik terwijl ik de lift langzaam naar beneden liet zakken.

Het blonde meisje was blijkbaar de brutaalste van de twee. "U bent een taxi voor mensen in een rolstoel." Het klonk beslist maar ook wat teleurgesteld.
"Nee hoor," antwoordde ik, "er mogen ook mensen met mij mee die gewoon zelf kunnen lopen."
Het blonde meisje scheen hier even over te moeten nadenken.
Toen vroeg ze, friemelend aan haar t-shirt: "Kunt u me dan naar opa en oma brengen?"
Enigszins verbouwereerd vroeg ik: "Waar wonen je opa en oma dan?"
"In België, vlak over de grens.."klonk het bedremmeld alsof ze bang was dat ze nu teveel had gevraagd.

Ik bracht mijn cliënt naar de overkant van de straat en belde aan. Achter mij stonden de beide meisjes stonden nog steeds verwachtingsvol naast de taxi te wachten. Nadat ik cliënt aan zijn grootmoeder had overgedragen liep ik terug naar de meisjes.
"Kunnen mamma of pappa je niet naar opa en oma brengen?"
"Mamma is ziek.."
"Dat is vervelend voor haar zeg.."
antwoordde ik. "En pappa dan?"
"Pappa is weg.."


Groot als ik ben stond ik even met mijn mond vol tanden.
"Weet je wat," zei ik dus maar, "als het van je mamma mag beloof ik dat ik je naar opa en oma zal brengen. Goed?"
Het blonde hoofdje knikte. Een dikke traan biggelde over haar wangen.
"Ik mis opa en oma" fluisterde ze, en mijn hart brak voor haar.
Helaas moest ik weer verder, dus nam ik met een aai over haar bol afscheid.

Ik heb haar niet meer teruggezien..

vrijdag 16 mei 2008

Compostela-syndroom

Jaarlijks leggen tienduizenden pelgrims (een deel van) de weg naar Santiago de Compostela af. Sommigen doen dit uit religieuze overwegingen, anderen uit sportieve of persoonlijke motieven. Vast staat echter wel dat de wandelaar die aan de route begint nooit meer dezelfde zal zijn. Hem, of haar, wachten op de route namelijk schitterende uitzichten, verrijkende contacten met andere pelgrims en, vaak ook, een stevige confrontatie met zichzelf.

Compostela is één van die fenomenen die al jaren sluimeren in mijn wonderlijk brein. Ik ben daarin aangestoken door mijn vader, die ooit, zij het stiekem, er van droomde om als pelgrim een klein stuk van de route te lopen en zodoende als pelgrim de stad binnen te kunnen wandelen. Maar, net zo als mijn vader, bezit ook ik niet de juiste sportieve genen om een dergelijke droom ook tot uitvoer te brengen. Ik ben er simpelweg te lui voor. Toch snap ik de droom, omdat die voortkomt uit een zucht naar onvervalste romantiek en er bovendien in slaagt de wèl aanwezige zwerfgenen ernstig te kietelen.

Dat het afleggen van de pelgrimsroute louterend, maar niet zonder gevaar is, blijkt uit het zeven jaar durende onderzoek van de psychiaters Jesus de la Gandara en Maite Alvarez, beiden verbonden aan het Complejo Asistencial ziekenhuis in Burgos. Zij ondervroegen duizenden pelgrims over hun ziekteverschijnselen, en toonden hiermee aan dat pelgrims vaak aan psychische stoornissen lijden, die zij de verzamelnaam ´syndroom van de weg naar Compostela´ meegaven. Kenmerkend voor het syndroom is dat de pelgrims die zij te verzorgen kregen vaak ´abnormale, bizarre of zeer vreemde´gedragingen vertoonden, variërend van hallucinaties, delirium, paranoia tot zware depressies. Volgens beide psychiaters waren de problemen duidelijk veroorzaakt door de fysieke en psychische ervaringen die de pelgrims hadden opgedaan op de weg naar Compostela. Opmerkelijk was wel dat geen van de patiënten langdurig behoefde te worden opgenomen, de meesten konden na een verblijf van tien dagen alweer het ziekenhuis verlaten. Géén van de opgenomen pelgrims wilde echter daarna de tocht voortzetten, en allen vertrokken direct naar huis.
De la Gandara en Alvarez concludeerden tenslotte dat het Compostela-syndroom drie oorzaken kent: het mystieke van de weg, de vermoeidheid en de erfelijke voorgeschiedenis.
Patiënten zelf noemden als voornaamste oorzaken van hun problemen echter de schoonheid van de natuur, de soms bizarre klimaatomstandigheden, stress, vermoeidheid, het stoppen met medicatie, de ontmoeting van zoveel onbekende medepelgrims uit talloze landen en aanpassingsmoeilijkheden onderweg.

In de onofficiële ´wedstrijd´ met mijn vader, wie het eerste voet in Compostela zou zetten, ben ik winnaar geworden. Ik moest er wel een behoorlijk eind voor omrijden, ik was op weg naar de Algarve, maar ik kon het niet laten om mijn vader een kaartje te sturen vanuit de stad en tevens een aantal tastbare herinneringen voor hem mee te brengen. Eéntje daarvan, een sleutelhanger in de vorm van de St Jacobsschelp, heb ik inmiddels weer in mijn eigen bezit. Deze hangt aan de autosleutel van mijn ´Française´, als een soort herinnering aan die tijd. Wie weet of ik er ooit nog een keer kom, met of zonder mijn ´Française´, maar het pelgrimsteken heb ik in ieder geval reeds in bezit.

16-05-08