woensdag 10 augustus 2011

Besluit!

Weigerambtenaren mogen op grond van gewetensbezwaren weigeren om paren van gelijk geslacht te trouwen. Dat zo’n huwelijk bij wet is geregeld, maakt daarbij blijkbaar niets uit.De ambtenaar mag dan blijkbaar iets weigeren dat bij wet is toegestaan. Vreemd!

Nu ben ik geen ambtenaar, en gelden voor mij dus andere regels. Maar hoe meer ik het nieuws volg en hoe meer ik kranten lees, hoe meer ik last begin te krijgen van mijn eigen geweten. Mijn geweten begint zelfs enorm bezwaard te voelen.

Dagelijks kunnen we vernemen dat er miljarden worden gestort in een noodfonds voor landen die het de afgelopen jaren niet al te nauw hebben genomen met de Europese afspraken. Dat geld is van ons allemaal, dat brengen we samen op. Tegelijkertijd lees ik dat een opstappend directeur van een zorginstelling een jaarsalaris meekrijgt. Dat hij zijn zaakjes bepaald niet goed voor elkaar had, doet blijkbaar niet ter zake. Ook niet dat er door nalatigheid onder zijn bewind mensen zijn overleden.

Aan de andere kant kent ons land voedselbanken, mensen die ontslagen worden omdat ze een bepaalde leeftijd hebben bereikt, astronomische eigen bijdragen, uitgekleed onderwijs, onmenselijke bezuinigingen op de zorg, steeds hogere maandelijkse nota’s voor elementaire levensbehoeften, en zo kan ik nog wel even doorgaan! Ik kan het allemaal niet meer met elkaar rijmen. En daarom heb ik vanmorgen een kloek en weloverwogen besluit genomen: ik word Weigerburger!

Vanaf morgen betaal ik aan de benzinepomp nog alleen het gedeelte van de literprijs dat bestemd is voor de pomphouder en de oliemaatschappij. En die berekening is best eenvoudig. Bij eurobenzine trek je van het totaalbedrag het aantal liters maal één euro af, en klaar. Voor diesel zijn is dat vijfenzeventig cent per liter.

Ook bij het sigarenmagazijn ga ik hetzelfde besluit toepassen. Daar is de bijdrage aan de staatskas ook zo’n 75% per pakje. Het is even rekenen, maar als je de som eenmaal hebt gemaakt, valt het best mee.

Ik hoor de criticasters al hardop roepen dat ik zo de samenleving in gevaar ga brengen, maar dat zij dan zo. Ik denk dat het risico dat Nederland door mijn actie loopt, absoluut in het niet valt bij de acties, of het complete gebrek daaraan, van de politiek. Als het de bedoeling is dat de burger, ik dus, zijn eigen broek gaat ophouden, heb ik daar wel de middelen en de mogelijkheden voor nodig. Met de 2,5 banen die mijn liefste en ik samen hebben zou dat haast wel mogelijk moeten zijn, maar de praktijk blijkt anders. Pijnlijk anders. En bij de overheid aankloppen is zinloos, want als werknemer en zelfstandig ondernemer kan ik helemaal nergens uit de Staatsruif mee-eten.

Nu de politiek maar met dergelijke absurde bedragen blijft smijten en mij daarvoor steeds de rekening denkt te kunnen sturen, zet ik dus vanaf nu mijn maatje 48 dwars. Ik word Weigerburger. Ik doe dus even niet meer mee met het Eén-Europa circus en ga, net als die Zuidelijke Politici, nu eerst eens voor mij, mijn eigen dierbaren, en mijn directe omgeving zorgen. Ik ben er zeker van dat de euro’s die ik rechtstreeks in de lokale economie investeer véél meer, en veel directer, rendement opleveren ze maar weer braaf af te dragen aan de Staatskas. De kans dat ik er dan nog iets van terugzie is verwaarloosbaar klein.

10-08-11

vrijdag 29 juli 2011

Zit

Van de schepselen waarmee wij onze planeet delen, is de vlieg niet bepaald de slimste. Vooral niet het exemplaar dat momenteel met mij mijn kantoor deelt.

Je zou toch zo langzamerhand mogen verwachten dat een insect als de vlieg inmiddels zo aan huizen en kantoren is gewend, dat hij de uitgang wel weer zou kunnen vinden door de luchtstroom in tegengestelde richting te volgen. Maar niets is minder waar. Deze vlieg heeft heel andere ideeën.

Na een paar keer rond, en één keer tegen mijn hoofd te zijn gevlogen, ontdekte het beestje dat zijn weg duidelijk geblokkeerd was. Maar in plaats van het dan in een andere richting te proberen, neemt de vlieg een ‘aanvliegje’ en probeert het op dezelfde plek nog een keer! Met even weinig succes overigens. Bezorgd kan ik het dan weer niet laten me af te vragen of zo’n vlieg aan die dubbele aanvlieging dan geen enorme hoofdpijn heeft overgehouden. Maar nee, de vlieg vliegt ongestoord verder en neemt plaats op de niet-slingerende-slinger van de klok.

Vreemd eigenlijk, dat een insect zijn naam kan ontlenen aan één van zijn activiteiten. Zoals ik het beestje nu al enige tijd van afstand bestudeer, zou het evengoed een ‘zit’ kunnen zijn, een ‘hang’, of een ‘loop’, al naar gelang welke activiteit hij ontplooit op dat moment. Maar nee, iemand heeft ooit bedacht dat het beestje als ‘vlieg’ door het korte leven moest. Ik kan dan alleen maar hopen dat aan die naamkeuze een grondige studie vooraf is gegaan waarin de activiteit ‘vliegen’ exponentieel vaker werd waargenomen dan ‘zitten’ of ‘lopen’, maar ik betwijfel het.

Gelukkig heeft de naamgevende wetenschapper gekozen voor een benaming van een activiteit die ook door kinderogen mag worden aanschouwd, want het had erger gekund! Ik neem tenminste aan dat vliegen ook ‘vogelen’ om voor voldoende nageslacht te zorgen. Dan had het beestje ‘vogel’ geheten. Met alle verwarring van dien met alle gevederde of gebraden soortgenoten. Dan was het wel weer héél onoverzichtelijk geworden.

Nee, ik ben dan toch blij dat deze mysterieuze wetenschapper voor een activiteit heeft gekozen die het insect doet onderscheiden van alle anderen. Och nee, een vogel vliegt tenslotte ook. Net als een vliegtuig, maar da’s dan weer geen dier geloof ik. Ik raak er bijna van in de war zeg! Maar wat is dan een goede benaming voor dit beest? Een ‘bots’? Een ‘verveel’? Een ‘zoem’? Ik heb het beestje al die dingen in het afgelopen half uur zien of voorbij horen komen. Maar blijkbaar geeft het beest zelf de voorkeur aan ‘zit’ want de slinger zit blijkbaar lekker.

In ons huishouden is ‘zit’ of ‘loop’ trouwens allang geen beschikbare soortnaam meer, want alles wat insect is (of zou kunnen zijn) kan aan bovengenoemde omschrijvingen voldoen. Als er op het geel-gerookte plafond een zwarte plek verschijnt, kan deze ternauwernood getolereerd worden zolang het een ‘zit’ blijft. Een ‘loop’ veroorzaakt al behoorlijk wat meer rumoer. En als het een geleedpotige betreft, de soort die bij mijn lief een panische angst oproept, dan spreken we vaak over een ‘ren’ of een ‘gil’. Wat trouwens dan weer, in die volgorde, op de spin en op mijn wederhelft kan slaan.

Voor dit ene exemplaar is de vraag over een benaming overigens louter retorisch geworden. Ik zéér korte tijd is hij, aan de irritatiefactor vermoed ik eigenlijk dat het een zij was, verworden van ‘zit’ tot ‘bots’ en vervolgens van ‘verveel’ tot de laatst mogelijke categorie: ‘plat’.

Zij Ruste in Vrede.

29-07-11