woensdag 19 november 2008

Leermomenten

‘Het leven,’ zo sprak de Meesteres, ‘bestaat niet alleen uit latex, maar vooral ook uit leermomenten.’ Deze zin hoorde ik van Frank van Pamelen tijdens zijn optreden bij de Van Dale Vertaalslag 2008. En het zijn dergelijke uitspraken die voor mij aan de kern raken vanm waar het leven werkelijk om draait.
Nu heeft elk mens in zijn of haar leven momenten die, als je er later op terugkijkt, beslissend blijken te zijn voor de manier waarop je in het leven staat en vooral ook voor de manier waarop je het leven verder inricht. Meestal komen die voor op het moment dat je het even allemaal niet ziet zitten en al helemaal niet meer weet welke kant je op moet. Soms zijn het hele simpele en alledaagse gebeurtenissen , het gesprek over koetjes en kalfjes tijdens een wandeling met je opa bijvoorbeeld, en soms zijn het heel ingrijpende gebeurtenissen zoals het overlijden van een geliefde waarbij je, opeens, weer keihard wordt teruggeworpen op dat wat in het leven zo belangrijk is: liefde en samenzijn. Soms echter komt de oplossing van een dilemma of probleem echter uit een nog veel onverwachter hoek, en hoor je een flard van een gesprek in de tram of vla je, tijdens het zappen, middenin een film en komt het antwoord zomaar over het scherm gerold. Je hoeft het dan alleen maar op te merken en te registreren.

De afgelopen dagen zat ik vooral mezelf in de weg. Niets liep lekker en ik begon van frustratie bijna al het behang van de muren te krabben. Niet dat ik feitelijk veel te klagen heb, allerminst zelfs, maar ik zat gewoon niet lekker in mijn vel. Ook het vooruitzicht om mijn verhaal over beelddenken te mogen presenteren aan een groep ondernemers en de goedkeuring van de huisarts om met een bepaald medicijn te mogen stoppen, konden daar niet veel aan veranderen. Dus greep ik maar weer eens naar het meest beproefde middel dat ik in huis had, de ‘Last Lecture’ van Randy Pautsch (1960-2008), professor of computer science aan de Carnegie-Melon University. Een absoluut geweldig verhaal en een regelrechte ‘reality-check’, want na het beluisteren van zijn verhaal kan je niet anders dan je afvragen waar je je in je eigen leven zo vreselijk druk om maakt.
Randy Pautsch kreeg in begin 2007 te horen dat hij alvleesklier kanker had en niet heel lang meer te leven had. Als getrouwd man en vader van drie jonge kinderen besloot hij de tijd die hij nog over had te besteden aan zijn dierbaren en nam afscheid van de universiteit met een speech die inmiddels al miljoenen keren op internet (zie de link onderaan) is bekeken. Ik hoorde pas meer recent van Pautsch, en wel in de uitzending van Oprah van donderdag 3 juli 2008. En ik heb de aflevering inmiddels wel twintig keer gezien, en nog steeds raak ik elke keer ontroerd en wordt ik geraakt door zijn woorden en zijn relativeringsvermogen. In de speech komen een aantal heel belangrijke zaken aan bod waarmee iedereen wel iets kan. Een uitspraak als: ‘De muur waar je telkens tegenop loopt, staat er alleen maar om al die anderen tegen te houden die iets niet graag genoeg willen.’ Een andere wijze les van Pautsch gaat vooral over de keuze of je een ‘Tijgetje’ of een ‘Ijoor’ bent, een keuze die veel zegt over hoe iemand het leven benaderd. Als een ‘Tijgetje’ met enthousiasme en plezier, of als een ‘Ijoor’ die alles moeizaam en somber inziet. Pautsch maakt duidelijk een keuze voor de eerste mogelijkheid en heeft zich voorgenomen om, ondanks zijn ziekte en het feit dat hij weet dat hij op korte termijn zal sterven, vooral plezier te hebben in het leven. Humor is de belangrijkste factor in het leven en met de nodige humor blikt hij dan ook terug op wat er geworden is van zijn kinderdromen. Dat hij daarbij moet concluderen dat er een heel aantal niet zijn uitgekomen doet weinig ter zake, want de reis erheen was minstens zo belangrijk, zo niet het aller belangrijkst. Want dáár kwam hij de belangrijkste mensen tegen en leerde hij de belangrijkste levenslessen.
Na een dosis Pautsch kan ik er ook weer even tegen, en lijken de problemen waarmee ik worstel opeens niet meer zo heel groot. En ja, al gaat bepaald niet alles zo snel en voorspoedig als ik graag zou willen, ik heb weer volop ideeën en energie om er tegenaan te gaan. Vanavond eerst de première van mijn eigen presentatie, en dan morgen de eerste stappen van de volgende. De outline is al klaar in mijn hoofd.

Voor wie de volledige lezing (in het Engels) wil zien: http://www.youtube.com/watch?v=ji5_MqicxSo

19-11-08

maandag 10 november 2008

Lieve pa,

Mijn hart bloedt, elke keer als ik je weer zie. Ik zie hoe je steeds verder verdwaalt in dat schimmige woud van Alzheimer dat zich in je hersenen heeft verankerd en hoeveel moeite het je kost om de spaarzame open plekken daarin te vinden waar het schamel doordringende zonlicht de paden en wegen nog een zekere herkenbaarheid weet te geven in een wereld die steeds ongrijpbaarder voor je is geworden.
Als ik, zoals gisteren, op weg ga om je te bezoeken, ben ik bang om te ontdekken hoeveel ik deze keer voorgoed van je kwijt zal zijn geraakt. Ik zie de blik in je ogen wordt steeds leger worden, hoe zeer je ook je best doet, en zelfs de meest simpele handelingen zijn onoverkoombare hindernissen voor je geworden. De tijd van ‘snel even een belletje’, een kopje koffie zetten of even gauw ergens naar toe is voorgoed voorbij. Je bent van anderen afhankelijk geworden en dat haat je.

En, weet je, ik begrijp je zo goed! Ik heb mijn karakter echt niet van een vreemde en weet hoe het voelt als anderen in je leven binnenstappen en de controle ervan opeens lijken over te nemen. Maar wat jij als plotseling beschouwd, is echter slechts een voortzetting van een proces dat al tijden aan de gang is. Een proces waarvan je eerst slechts kleine signalen afgaf, signalen die we vaak wel zagen maar liever niet wilden zien. En nu is het proces inmiddels zover gevorderd dat het voor niemand meer te ontkennen is, en jij zit er middenin.

Als je me vertelt over je ziekte en hoe je je voelt, dan zie ik je vechten om de juiste woorden te vinden. Woorden die kunnen overbrengen hoe eenzaam je soms bent en hoe onbegrepen je jezelf daarbij voelt. Hoeveel moeite je ermee hebt dat de wereld om je heen als los zand door je vingers glipt en hoe je er steeds minder grip op hebt. Hoe vreemden steeds weer je leven lijken binnen te dringen en steeds maar weer beslissingen voor en over je nemen. Dat je je daardoor boos, bang en radeloos voelt is mij overduidelijk, en ik zou dan ook niets liever willen dan dat ik je aan de hand mee zou kunnen nemen uit dat bos, ver weg uit die verwarrende en beangstigende wereld waarin jij je nu steeds vaker bevind. Helaas kan ik dat niet. En tegelijk weten we allebei dat de dag gaat komen dat ik je in dat bos voor altijd kwijt zal raken. Maar gelukkig is het nog niet zo ver en kunnen we nog volop van elkaars gezelschap en aanwezigheid genieten.

Gisteren mocht ik je meenemen naar Madurodam om lelijke eendjes te zoeken, eendjes die er helaas niet meer bleken te zijn. En ja, ik heb al een ‘boze brief’ aan Madurodam voor je geschreven zoals je gevraagd hebt. Maar lelijke eendjes of niet, je genoot. Dat heb je, geloof ik, wel twintig keer gezegd En mocht ik ooit van Madurodam bericht krijgen dat er toch weer een lelijk eendje geplaatst zal worden, dan beloof ik je om je weer mee te nemen zodat je er zelf naar kunt zoeken. En nee, dat is verre van een zware opgave, ik doe het met liefde Ik woon dan weliswaar behoorlijk ver bij je vandaan, maar als je me nodig hebt, of gewoon wilt zien, dan ben ik er. Altijd. Je hoeft je er echt niet voor blijven te verontschuldigen dat je zo lastig bent en dat dingen je steeds meer moeite kosten. Dan doen we de dingen gewoon op jouw tempo en dan komt het net zo goed in orde. ‘Don’t worry be happy!’, remember? Wil je graag patat met mosterd omdat jij dat nou toevallig lekker vindt en de rest van de wereld niet? Dan ga ik de mosterd desnoods zelf voor je in Frankrijk halen, met jouw eendje en met open dak, een ‘special import’. Helemaal geen enkel probleem.

Ik weet helaas niet hoe lang we samen nog hebben, de tijd en de ziekte gaan zo vreselijk snel, maar zo lang als het maar enigszins mogelijk is, blijf ik van onze ‘uitjes’ te genieten. Of dat nu van een dagtochtje is, of samen gewoon ergens op een terras zitten aan een alcoholvrij biertje en een schaaltje bitterballen. Als jij geniet doe ik het ook, zo simpel en rijk kan het leven soms zijn. En ook al komt het moment steeds dichterbij dat we je ergens in dat donkere bos moeten achterlaten, zolang we elkaar steeds nog kunnen vinden blijft het zonnetje schijnen. Het allerlaatste hoofdstuk van jouw versie van ‘Alleen op de wereld’ is tenslotte nog lang niet geschreven. Niet als het aan mij ligt tenminste.

10-11-02