vrijdag 10 oktober 2008

Serieus luisteren naar radicale moslims

Dat is het opmerkelijke pleidooi dat in een advies staat dat is opgesteld in opdracht van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding (NCTb). Het onderzoek gaat er van uit dat de samenleving voor verbetering vatbaar is als er geluisterd wordt naar de wensen van extremisten als de omstreden Haagse imam Fawaz. Fawaz is een aanhanger van het salafisme, een ultraorthodoxe stroming binnen de islam die streeft naar een islamitische maatschappij volgens de eigen sharia-wetgeving. Volgens de onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam bevatten de wensen en de eisen van deze, regelmatig in opspraak rakende imam, ‘mogelijkerwijs zinnige kritiek’ op de Nederlandse maatschappij. Zij hopen dan ook, door de salafisten meer aan de samenleving te binden, zo de radicalisering tegen te gaan en de mensen die oproepen tot de jihad de wind uit de zeilen te nemen.

Kort nadat ik dit artikel in de krant las, verscheen het hoofd van VVD-er Henk Kamp in beeld bij het programma ‘Goedemorgen Nederland’. Kamp heeft net een islam-nota gepubliceerd en kwam deze toelichten. In deze nota gaat de VVD-er er van uit dat er in ons land altijd plaats is voor mensen van een ander geloof, welke geloofsovertuiging dat ook moge zijn, mits deze mensen dat geloof belijden op een manier die niet in tegenspraak is met de hier geldende wetten en regels. Voor hen die dat niet doen ziet Kamp slechts een gevangenis en uitzetting in het verschiet. ‘Als vrouwen persé een boerka willen dragen, dan doen ze dat maar in Saudi Arabië’ aldus Kamp. Helaas hadden de interviewers de Telegraaf blijkbaar niet verder gelezen dan de voorpagina, want er werd Kamp geen enkele vraag gesteld over het rapport van de NCTb. Men moest snel verder met de schrijver Ronald Giphart en zijn boek ‘Keukenprins’, waarin hij ondermeer de streng vegetarische eetgewoonten van Hitler beschrijft.

Ik vraag me werkelijk af hoe lang we nog lastig gevallen worden met dergelijke dure rapporten vol soft-linkse onzin? Is zo langzamerhand niet volstrekt duidelijk dat de linkse ‘methode Cohen’, het ‘blijven-lullen-en-thee-drinken’ tot nu toe absoluut en totaal heeft gefaald? Dat het duidelijk tijd is voor een duidelijker lijn en hardere grenzen?
Ik ben het met Kamp eens als hij zegt dat er in onze samenleving altijd plaats is voor hen die een bewuste en positieve bijdrage leveren aan (de verdere ontwikkeling van) onze maatschappij. Er mag zelfs best een heftige discussie ontstaan over hoe de maatschappij zich zou moeten ontwikkelen. Maar één van de kenmerken van een discussie is dat men naar elkaars standpunt luistert en daar respect voor heeft, zõnder het er dus mee eens te hoeven zijn. Figuren als Fawaz beschikken helaas niet over een dergelijke graad van beschaving en willen helemaal niet op een positieve manier bijdragen aan een open debat over de samenleving. Zij willen geen slechts hun vuil kunnen spuien, gebruikmakend van de onvrede en onrust binnen de samenleving, om zo zieltjes te winnen voor zijn eigen doel, een puur islamitische staat, hier aan de Noordzeekust. Dat kan toch niet serieus de bedoeling zijn van de onderzoekers? Discussie is prima, maar dan wel vanuit een basis die wordt gevormd door ons huidige staatsbestel met de daarbij behorende wetten en regels. Daarbinnen is tenslotte meer dan genoeg ruimte om je leven redelijk naar eigen goeddunken in te kunnen richten en te geloven en denken wat je wilt. Voor iedereen.

10-10-08

donderdag 9 oktober 2008

Het kan verkeren...

‘Het kan verkeren..’ schreef Gerbrand Adriaenszoon Bredero (1585-1618) onder al zijn werk , en op de een of andere manier is dat gezegde in ons aller geheugen blijven plakken, en is nu een bekend gezegde.

Wie de kranten leest of de televisie aanzet, ontkomt dezer dagen bepaald niet aan de wereldwijde crisis op de financiële markten. Grote krantenkoppen schreeuwen ons toe en ook op de werkvloer is de wereldwijde toestand het gesprek van de dag. Zelfs Piet, mijn vaste mannetje achter de kassa bij de supermarkt, begon er vanmorgen over, terwijl ik tot op heden nooit meer dan een ‘Goedemorgen’ en ‘bedankt!’ met de man had gewisseld. Het zit de mensen duidelijk diep, en een ieder houdt zijn hart vast voor wat allemaal nog komen gaat.
Toch zou ik niet de onverbeterlijke optimist zijn die ik ben, als ik in deze situatie niet ook kansen zag. Kansen om nu, voor eens en voor altijd, paal en perk aan een aantal onverkwikkelijke zaken te stellen. Want dat zulks nodig is, kan niemand echt meer ontkennen.
Zo is het nu de tijd om de hele financiële wereld weer terug te brengen naar datgene waar ze oorspronkelijk voor bedoeld zijn: geld op een verstandige manier beheren, en daarmee rente uitkeren aan hen die hun geld op de bank hebben gezet. Bovendien dienen ze dat geld alleen dan uit te lenen als de schuldenaar ook in staat is om dat geld, inclusief een normale rente, ook weer terug te betalen. Of, zoals Piet het uitdrukte: ‘Als ge geen werk hebt, of geen geld, dan kent ge gewoon ook geen huis kopen zoals die Amerikanen..’

Bovendien zou ik het ook verstandig vinden om tegelijkertijd een aantal beslissingen terug te draaien die in het recente verleden zijn genomen, en waarmee voormalige staatsbedrijven, denk aan de elektriciteitsbedrijven en de spoorwegen bijvoorbeeld, weer terug te brengen in handen van de staat. Want daar horen ze thuis. Ze moeten weg uit de wereld van woekerwinsten en gewoon weer dat gaan doen waar ze goed in zouden moeten zijn: Diensten leveren aan het publiek tegen een normaal tarief. Ook het onderwijs en de gezondheidszorg mogen wat mij betreft mee op de schop. Ook daar moeten we snel terug naar de basis, en daarmee afscheid nemen van de vergader en managementcultuur die niet alleen enorm veel (oneigenlijk) geld kost, maar ook ten koste gaan aan het lesgeven of de zorg aan de patiënt.

Nu lijkt het misschien of ik een afkeer heb van verandering, of wellicht angst voor het nieuwe, maar niets is minder waar. Alleen is niet alles van ‘vroeger’ per definitie slecht en toe aan verandering. We vergeten namelijk wel eens dat de situatie die we nu als ‘vroeger’ aanduiden, óók het eindresultaat was van een heel proces van verandering en verbeteringen. En daarmee niet persé slecht of verkeerd. Bovendien zijn crises als deze, een normaal fenomeen dat eens in de zoveel tijd de kop opsteekt. Wellicht niet vaak op een dermate heftige wijze als het nu gebeurt, maar het is het corrigerende mechanisme van de economie om de extremen die zijn ontstaan weer terug te brengen tot meer aanvaardbaarder proporties. En dan geldt dus ook dat hoe extremer de excessen, hoe harder de ‘correctie’ toeslaat. En dat het bepaald allemaal niet zachtzinnig verloopt momenteel hoef ik niet echt meer uit te leggen dacht ik zo.

Optimisme voor de toekomst dus, ondanks het feit dat ook ik me wel degelijk zorgen maak over mijn eigen toekomst, zeker met een kabinet als het huidige, waar persoonlijke geldingsdrang een belangrijker uitgangspunt lijkt dan simpelweg de klus te klaren waar ze voor gekozen zijn. Maar één ding weet ik echter zeker, en dat is dat deze crisis van voorbijgaande aard is. Er zullen zeker nog vele slachtoffers volgen vòòr de storm helemaal is uitgeraasd, maar dan is ook wel meteen een vruchtbare bodem gecreëerd om een aantal hoognodige veranderingen door te voeren. Iets wat onder andere omstandigheden op veel meer verzet had kunnen rekenen.

09-10-08