vrijdag 13 maart 2009

Buiten de lijntjes kleuren

Al weken proberen ze mij nu alle vaardigheden bij te brengen om straks ZZP-er (= Zelfstandige Zonder Personeel) te kunnen spelen. Maar hoe meer ik erover nadenk, hoe meer ik de beklemming ervaar van de regeltjes en beperkingen.
Zo was er gisteren een cursus over presentatietechnieken. Op zich niet verkeerd daar de meesten van ons volgende week voor de eerste keer in hun leven serieus hun eigen plannen moeten presenteren. Maar waarom moet het allemaal zo verschrikkelijk stijf en correct?

‘Een goede presentatie bestaat uit drie delen: een inleiding, het middenstuk of de kern, en een afsluiting of conclusie. De conclusie mag maximaal 10% van de presentatie bedragen.’

Terwijl ik die woorden hoorde ging ik in gedachten de presentatie langs die ik reeds gemaakt heb. En natuurlijk voldoet die weer eens niet aan die eisen. Er zit natuurlijk een bepaalde logica en volgorde in, maar dat is mijn logica, mijn volgorde. Ook met de opmerkingen dat je moest beginnen met een kwinkslag en moest eindigen met een uitsmijter kon ik bedroevend weinig. Op mijn vraag of met die laatste de gebakken eieren op brood of een brede spierbundel aan de deur werd bedoeld, kwam ook al geen bevredigend antwoord.

Laten we wel wezen: in een project als de KEB (=Kansrijk Eigen Baas, zie ook www.kansrijkeigenbaas.nl ) wordt ons geleerd om straks ondernemer te zijn. Maar ik ben honderd keer liever OMB-er (=Ondernemer Met Ballen) dan OZB-er (=Ondernemer zonder Ballen). Een van de redenen dat ik namelijk ondernemer wil worden is namelijk dat ik nu lang genoeg precies binnen de lijntjes heb gekleurd. Ik wil nu eindelijk eens de dingen kunnen doen die ik zelf leuk vind en ze doen op de manier waarvan ik vind dat ze gedaan moeten worden. Ik ben het zat om maar steeds de opdrachten te (moeten) volgen van een ieder die meent in de positie te zitten om mij te commanderen.

Voor mij is authenticiteit een bestaansvoorwaarde voor het ondernemerschap. Het is bovendien de eigenschap die ik in dit land het allermeeste mis. Iedereen loopt maar een eind weg te klagen over de kredietcrisis en hoe weinig de overheid eraan doet. Mijn antwoord is dan héél simpel: neem het heft in eigen handen en maak er iets van! Doe datgene waar je goed in bent, en hoogstwaarschijnlijk ben je dan succesvol. Wellicht de eerste jaren niet meteen op financieel gebied, maar zeker wel als mens. En de omgeving zal u dan bovendien ook een stuk beter te pruimen vinden.

Ik hoor het gezegde ‘ Doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg!’ vaak uitgesproken worden. Voor de goede waarnemer worden die woorden echter vaak gebezigd door lieden die maar al te graag zelf eens finaal uit de band zouden springen, maar dit blijkbaar niet durven. En daarom ontstaat er een soort moraal van gezamenlijke gezapigheid waarbij iedereen strak in toom moet worden gehouden. Waarom? Persoonlijk geloof ik helemaal niet dat de mens bedoeld is om als grijze muis door het leven te trippelen. Voor mij is elk mens een uniek individu dat het recht én de plicht heeft om zijn authentieke zelf te vinden en dat vervolgens naar buiten te brengen. Natuurlijk allemaal binnen de regeltjes van fatsoen en wet, dat dan weer wel, maar zelfs daarbinnen is er meer dan voldoende speelruimte om onderscheidend en daarbij jezelf te zijn.

Ik heb zelf een aantal jaar geleden besloten mezelf niet langer aan een heleboel zaken te conformeren. Sindsdien leef ik mijn leven op mijn manier, en doorgaans bevalt dat prima. Ik ben géén lid van een politieke beweging en slechts daar maatschappelijk actief waar ik denk een positief verschil te kunnen maken. Ik doe niet mee aan modetrends, heb geen MP3-speler en geen Blackberry of IPhone. Ik kan niet mobiel internetten en ben ook niet van plan daar binnenkort mee te beginnen. Op zaterdag ben ik niet in enige supermarkt te vinden en al helemaal niet op de oprit om mijn auto te wassen. Ik doe pas boodschappen als mijn voorraadkast echt leeg is en was mijn voiture op het moment dat ik dat nodig vind. Reeds jaren gelden heb ik mezelf het fenomeen van dwars door de kast koken eigen gemaakt, en dat levert soms culinair aardige verrassingen op. Soms is het ook echter gewoon een regelrecht drama en eet ik eens een dag wat minder lekker. So what?

Aanstaande dinsdag moet ik mijn presentatie houden. Tussen grofweg vier en vijf moet ik een aantal ondernemers trachten ervan te overtuigen dat mijn plannen goed doordacht en levensvatbaar zijn. Lig ik ervan wakker? Nee, verre van zelfs, in tegenstelling tot een aantal van mijn mede-KEB-ers. Niet alleen heb ik al vaker presentaties gehouden, maar bovendien heb ik vertrouwen in mezelf. Ik mag dan misschien in bepaalde ogen niet heel veel kunnen, om woorden zit ik niet vaak verlegen, dus red ik me wel. Mijn plannen zijn bovendien goed doordacht en met de financiële onderbouwing komt het ook wel goed. Ze weerspiegelen bovendien precies wie ik ben en hoe ik tegen de wereld aankijk. En is één ding wat ik zeker weet, en dat is dat de wereld zelf wel kan bepalen of mijn idee goed is. Als het idee goed is en de uitvoering doordacht, dan wordt het een succes. Is het dat allemaal niet, dan wordt het een ramp. En ik ga uit, eigenwijs als ik nu eenmaal ben, van het eerste scenario. Wat andere ondernemers er ook van mogen zeggen dinsdag.

13-03-09

maandag 9 maart 2009

Nooit nie..

Sinds gisteren weet ik het zeker: ik wil nooit, ik herhaal NOOIT, worden opgesloten! Het klinkt wellicht wat dramatisch, maar toch voelde het precies zo toen ik gisteren wegreed. Pa had niet eens meer in de gaten dat ik vertrok, maar toch bloedde mijn hart hem daar achter te moeten laten.
Het ging opeens in een stroomversnelling. Ik wist dat Pa op de wachtlijst stond, maar dat het zo snel zou gaan had echt niemand verwacht. Woensdag 25 februari kon hij, vanuit de dagopvang, in plaats van naar huis door naar boven. Er was inmiddels plaats. Er had een hevige epidemie van het Noro-virus gewoed, en dan kan het ineens snel gaan.

Ik hoorde het pas een paar dagen later, toen het kwaad al was geschied zeg maar. Niet dat ik iets had kunnen stoppen, zelfs als ik het al gewild had, maar toch kwam de klap harder aan dan ik verwachtte. Het is zo’n moment van finaliteit, zo’n moment waarvan je weet dat het daarna nooit meer zo gaat zijn als vroeger. En voor Pa was dat moment aangebroken en voorbij gegaan, zonder dat hij het zich ooit nog zal beseffen.

De laatste avond thuis had hij nog in zijn stoel gezeten en aan zijn vrouw gevraagd wanneer hij nou naar huis ging. Op zich wellicht grappig, maar meer nog tekenend voor zijn werkelijke geestesgesteldheid. Ook op de vraag van zijn vrouw of hij nog wel wist wie zij was, kwam alleen een aarzelend antwoord:’Ja, ik herken je wel…maar wie je nou precies bent..?’

En nu zitten we dan middenin een nieuw rouwproces. Het is typisch zo’n tijd waarin alles tegelijk schijnt te moeten komen. Eerst het (toch nog) plotselinge overlijden van mijn schoonmoeder, vervolgens de toestand met P., en nu dit met Pa. Zijn vrouw dwarrelt onwennig en eenzaam door het huis, en vraagt zich af of ze de juiste beslissing heeft genomen door Pa op een wachtlijst te zetten. En ook al begrijp ik haar gemengde gevoelens, dit is het beste voor iedereen, en zeker voor Pa. Hoe krom en tegenstrijdig het soms ook mag voelen.

En gisteren was het dan zover dat mijn liefste en ik hem voor het eerst in zijn nieuwe onderkomen gingen bezoeken. Ik kende de instelling al van een eerder bezoek dat ik aan de dagopvang bracht. Maar hoe men ook zijn best doet om het anders te doen voorkomen, bij een deur waar ik slechts met een code uit kan, gaan mijn nekharen nu eenmaal overeind staan.
Pa zit op de derde. De afdeling is vernoemd naar een wijk of stadsdeel. De naam roept herinneringen op, maar ik heb geen tijd er aandacht aan te schenken. Ik verheug me erop om Pa weer te zien, maar zie er ook tegenop. Zal hij zich inmiddels realiseren dat er iets definitief is veranderd en dat hij nooit meer naar huis zal gaan? Of is hij alleen maar blij bezoek te krijgen? Het blijkt het laatste, gelukkig. Zodra hij me de hoek om ziet komen glijd er een brede glimlach over zijn gelaat. Als hij een paar seconden later ook mijn liefste ziet verschijnen is hij helemaal blij. Dikke zoenen en een warme omhelzing zijn haar deel, ze ondergaat ze met een glimlach.

Even later zitten we in het restaurant beneden. Wat er ook met Pa aan de hand mag zijn, zijn eetlust heeft het in ieder geval niet verstoord. Een advocaatje met slagroom en daarna een kroket vliegen er achter elkaar in. En hij glimlacht de hele tijd. Vooral als zijn vrouw een paar exemplaren van zijn model-autoverzameling tevoorschijn haalt die straks zijn nachtkastje zullen sieren. Een gesprek is niet meer echt mogelijk, daarvoor loopt er inmiddels veel te veel door elkaar heen. Maar hij is blij ons te zien en blijft dat maar herhalen. Ik zie ook weer meer veranderingen. Hij wordt steeds magerder en ook zijn haar wordt niet meer dagelijks gewassen blijkbaar. Maar ook is zijn oude charme weer terug. Naar beide dames in het gezelschap is hij bijzonder vriendelijk en voorkomend, en hij blijft maar breeduit glimlachen.

Als we hem een uurtje later weer terug naar boven brengen gaat het mis. Hij is de kluts weer helemaal kwijt. In de lift kan hij niet meer bedenken of hij die nu dient te verlaten via de spiegel of toch via de andere kant. En dan zijn er die deuren. Elke deur heeft andere code, om zo de bewoners binnen te kunnen houden. En blijkbaar werkt dat. Iedereen gaat net aan tafel als we Pa in de woonkamer achterlaten. Iemand aan tafel heeft zijn aandacht getrokken, en dat geeft ons de gelegenheid stilletjes te verdwijnen. Op de weg naar beneden kijken mijn liefste en ik elkaar aan. Veel tekst is er niet nodig om het wederzijdse gevoel te beschrijven. Het begint met ‘Please shoot me BEFORE…’

09-03-09