woensdag 16 juli 2008

TBS-Konijn


De Oostvaarderskliniek in Almere wil diensten gaan aanbieden aan de bewoners van de wijk waar de kliniek staat. Zo wordt gedacht aan een pension voor kleine huisdieren en het beschikbaar stellen van de sportfaciliteiten als de tbs´ers in hun cel zitten. De directie onderkent echter wel dat om deze, en eventueel andere toekomstige activiteiten tot een succes te kunnen maken, eerst nog wel ´even´ het vertrouwen van de buurtbewoners gewonnen moet worden. ´Ik snap dat iemand niet zo snel zijn hondje bij een tbs´er achter laat.´ zegt de kliniek bij monde van Anke Folkerts.

Tbs-klinieken zitten natuurlijk met een gigantisch imagoprobleem en vrijwel wekelijks bereiken ons berichten via de media dat er weer eens een tbs´er ontsnapt is of dat er anderszins problemen zijn. En om die publiciteit een beetje ten goede te keren en de angst onder de bevolking weg te nemen zijn dit soort initiatieven feitelijk wel toe te juichen. Maar blijft de vraag natuurlijk of er behoefte bestaat aan dergelijke diensten en of er voor dergelijke diensten wel geld gevraagd zou mogen worden.
Na een beetje speurwerk op internet blijkt het merendeel van de reacties negatief. Men spreekt van een ´geitenwollensokken idee´ en de meest cynische reacties vragen zich zelfs af wat de risico´s zijn rond de Kerst voor het knuffeldier van uw kleine. Ook zijn er mensen die zich praktisch een aantal vragen stellen over de uitvoering ervan. Hoe los je e.e.a. op als een tbs´er geen contact met kinderen mag hebben en Liesje van 10 komt haar lievelingskonijn brengen voor een verblijf van een aantal dagen? Hoe voorkom je misbruik van de dieren en hoe voorkom je (nog) erger?
Vast staat in ieder geval dat in o.a. de VS langlopende experimenten zijn waarbij gevangenen de verzorging op zich nemen van honden. Soms pups en soms honden die gesocialiseerd moeten worden. Uit die experimenten blijkt dat het hebben van een dergelijke verantwoordelijkheid enorme voordelen biedt voor zowel het dier als de betrokken gevangene. De laatste leert weer wat het is om verantwoordelijkheid te dragen en te zorgen voor een ander levend wezen, en het dier profiteert vooral doordat het gedurende een hele tijd alle aandacht en liefde krijgt die het zich maar kan wensen. Cijfers laten bovendien zien dat gevangenen die aan dergelijke projecten hebben meegewerkt, minder agressief gedrag vertonen en ook minder vaak recidiveren. Vanuit die gedachtegang is een dergelijk experiment in Almere alleen maar toe te juichen. Grootste verschil met de situatie in de VS is echter dat de honden daar niet van particulieren zijn en juist voorbereid worden op adoptie, terwijl de Oostvaarderskliniek zich juist speciaal wil richten op de verzorging van kleine huisdieren van buurtbewoners.
Op zich sta ik dus bepaald niet afkeurig tegenover het geopperde idee, maar zet wel grote vraagtekens bij de uitvoering ervan. Het kan bepaald voordelig zijn om tbs´ers de gelegenheid te bieden met dieren om te gaan en voor dieren te zorgen. Dat heeft tenslotte een bewezen positieve invloed op het welbevinden en de fysieke toestand van de betrokkene, maar ik betwijfel of er veel vraag zal zijn vanuit de buurt. Behalve het feit dat er natuurlijk al tal van particuliere initiatieven voor (al dan niet tijdelijke) opvang op de markt actief zijn, is vooral het vertrouwen in de opvang het grootste obstakel. Want hoe ga je Liesje van 10 vertellen dat Snuffie nooit meer thuis komt omdat een tbs´er er ´ff doorheen zat´? Dat kun je namelijk niet uitleggen. Beter zou het derhalve zijn als de kliniek zich zou oriënteren, als ze serieus een programma met dieren zouden willen opzetten, om dit te doen in samenwerking met de dierenbescherming of een asiel uit de omgeving. Daar zitten dieren genoeg die dringend liefde en aandacht nodig hebben en anders wellicht een spuitje zouden krijgen. Op die manier snijdt het mes nog aan twee kanten ook!

16-07-08

dinsdag 15 juli 2008

Tuin


Voordat ik dit huis kocht, in juli 2002, was ik er volledig van overtuigd dat het hebben van een tuin een absolute must was voor een jonge man met een glanzende carrière. De mogelijkheid te hebben om ´s avonds na gedane arbeid de tuin in te kunnen en de BBQ aan te steken, leek me met het summum van luxe en ontspanning. De mensen van wie ik het huis destijds kocht hadden veel energie in de tuin gestoken en leidden me dan ook met gepaste trots rond. Vol vuur werden de namen en bijzonderheden van de diverse planten opgedist en werden tips gegeven wanneer welke plant of struik het beste gesnoeid kon worden. En alhoewel ik de trots bijna kon proeven, ik heb er hoegenaamd niets van onthouden.

De eerste vrienden die het huis kwamen bekijken, roemden allemaal de tuin vanwege zijn ruimte en zijn speelse ontwerp. Het regende zelfs hints over hoe ´leuk´ het zou zijn als er kindertjes op het gras zouden spelen, of op jacht konden gaan naar de kolonie kikkers die de ingegraven speciekuip tot hun thuis hadden gemaakt. Maar al gauw bleek dat, om een tuin netjes te houden, er een ongelooflijke hoeveelheid werk verzet dient te worden. Als je even niet oplet staat het gras namelijk een meter hoog voor je er goed en wel erg in hebt, en ook de druif en de heg moeten regelmatig gesnoeid wil je überhaupt nog een stukje tuin overhouden om in te verblijven. Onkruid, ben ik inmiddels achter, doet het vooral goed tussen de stenen van het terras, en ook mos bedekt stenen sneller dan je het er ooit weer af kunt krabben.
Een geraadpleegde connaisseur kon zich niet in mijn tuin-visie vinden en bestempelde mijn eigen stukje natuur als ´onderhouds-arm´. Met andere woorden: ik moest niet zeuren, want het bijhouden van deze tuin was een makkie.
Nu, zo´n zes jaar later, weet ik wel beter. Een hele nieuwe natuur heeft zich intussen meester van mijn tuin gemaakt en groeien en bloeien er nu méér planten en bloemen dan ik ooit zélf had kunnen of willen aanplanten. En, als ik eerlijk ben, vind ik de wilde varianten vaak mooier en interessanter dan wat er van oorsprong allemaal groeide en bloeide. Al moet ik zeggen dat ik het bepaald niet altijd eens ben met de plek van al die wilde en ongecontroleerde pracht. Want groeien en bloeien doet het als een dolle, overal en nergens, en dan met een grote voorliefde voor ingang tot de schuur, de poort naar de brandgang en de ooit zo kunstig aangelegde paadjes. Onkruid, zo blijkt, houdt zich namelijk niet bezig met groeien binnen de lijntjes die wij in de aarde hebben gekrast. Het groeit daar waar de wind het zaadje heeft gebracht, en blijft net zo lang staan tot het sterft of door de mens bruut, en met wortel en al wordt uitgetrokken of uitgeroeid.

En alhoewel het soms zeer pittoreske plaatjes oplevert, is het besluit over de toekomst van de tuin inmiddels gevallen. Niet zo drastisch als ik het me inmiddels zèlf bedacht had, mijn liefste kon zich niet helemaal herkennen in mijn omschrijving van de toekomstige tuin van ´asfalteren die hele hap!´, dus is er een aanvaardbaar compromis gevonden. Mijn liefste en ik hebben nu besloten om het begrip´onderhouds-arm´ een nieuwe betekenis mee te geven en de hele tuin tot een groot terras met vaste haard en BBQ te transformeren. Het gaat zeker een paar centen kosten, maar dan heb je ook wat. Vraag is alleen nog wannéér e.e.a. gaat geschieden, want het voornaamste obstakel zijn vooralsnog de financiën. Dus tot die in ruime hoeveelheid gevonden zijn, ligt er een ongerept en overwoekerd stuk natuur te wachten om ontgonnen te worden. Tenminste, als de zon ooit nog eens echt wil gaan schijnen.


15-07-08