zaterdag 29 september 2007

Huwelijksreis IV

Vrijdag 14-09-07

Vandaag de dag héél rustig begonnen. We zitten pas rond 09.00 u aan het ontbijt i.p.v. de ´normale´ 07.30 u. Na het ontbijt bij de duikshop wat inlichtingen ingewonnen voor de komende week. Als we daar staan te praten komt de receptioniste ons melden dat Martina er is en met ons wil praten. Het blijkt dat de bank moeilijk doet bij het verzilveren van de Travellers Cheques die we haar betaald hebben voor de Island Tour. De gezette handtekeningen zouden te weinig op elkaar lijken. Ik stel voor om met iemand van hun organisatie naar de bank te gaan om e.e.a. op te lossen. Na overleg op kantoor worden we vanuit het hotel opgepikt door een kletsgrage en goedlachse Nicky. Zij zal met ons meegaan naar de bank en ons daarna afzetten bij het strand.
In de bank is alles gelukkig snel opgelost en wordt het bedrag, nadat ik nog een paar handtekeningen heb gezet, snel in $ TT uitbetaald. Iedereen weer happy en Nicky zet ons, zoals beloofd, daarna voor het hek van het ´Pigeon Point Heritage Park´ af. Scheelt ons toch mooi weer een taxirit á $ 35 TT.
Pigeon Point is een voormalige kokosplantage en hét, betaalde, strand van Tobago. Entree kost $ 18 TT per persoon per dag, een bedrag dat de ervaring méér dan waard is. Het is namelijk uitermate goed toeven onder de palmbomen op het strand met de kabbelende zee op de achtergrond. Er staan overal picknicktafels opgesteld en als je wilt kun je voor het bedrag van $ 10 TT de hele dag een ligstoel huren. Je moet hem alleen wél zelf naar de gewenste plek slepen blijkt al snel. De man van de verhuurbonnetjes blijkt niet erg behulpzaam. Dat is hij alleen voor hele jonge en hele oude dames. Ook zwerven er hier beduidend meer verkopers over het strand ook al staat er overal dat je de gasten niet mag lastigvallen. Blijkbaar vallen sieradenverkopers, kalebassnijders en ´pan-players´ echter niet onder dit verbod, gek genoeg. Ook zwerven er op en rond dit strand beduidend méér zwerfhonden dan we tot nu toe op het hele eiland hebben gezien. Maar ondanks dat alles geeft dit strand ons toch het ultieme honeymoon-gevoel. Verliefd en samen op een tropisch eiland, op het strand onder de palmbomen…wat kan een mens zich nog meer wensen op zijn huwelijksreis?
Als we aan het eind van de middag het strand verlaten is de taxistandplaats leeg en verlaten. Er zit dus niet anders op dan de thuisreis te voet te aanvaarden. Net buiten het hek komen we echter al snel een taxi tegen, te herkennen aan de letter ´H´ van ´hire´ op het nummerbord, die meer dan bereid is om ons weer in het hotel af te zetten, met een korte tussenstop bij de Mini Mart voor wat frisdrank en de onontbeerlijke sigaretten. Ook krijgen we zijn kaartje, deze meneer luistert naar de naam George overigens, en de mededeling dat we hem altijd mogen bellen als we transport nodig hebben. We hebben inmiddels al een hele verzameling van dit soort kaartjes en deze kan daar prima aan worden toegevoegd. De enige voorwaarde die hij nog stelt is dat we de schuifdeur van zijn busje de volgende keer niet zo hard dichtdoen. Daar kan íe namelijk niet tegen. Of hij de schuifdeur of zichzelf bedoelt blijft helaas in het midden.
Die avond eten we bij ´Dillon´s Sea Food´. Wat een verademing en wat een verschil met ´Bonkers´! Ook al ligt het serveertempo ook hier erg hoog, de smaakbeleving is 200% beter en de sfeer ook. Het kost allemaal ietsje meer maar dan heb je ook wat. Het is het ons in ieder geval méér dan waard. En als we de dames van de bediening ook nog duidelijk kunnen maken dat we ´on honeymoon´zijn en echt absoluut géén haast hebben is het helemaal goed. Ze laten ons met rust en komen aangesneld zodra we aangeven iets te verlangen. Een techniek die we in de komende periode zéker vaker gaan toepassen. Op de terugweg bij de bank geprobeerd om met de bankpas te pinnen. De ene automaat is defect maar uit de andere komt zonder problemen een hele stapel lokaal bankpapier. Heerlijk die moderne techniek!
Rond 22.00 u zijn we terug in het hotel en trekken ons al snel terug. Toch slapen we pas vér na middernacht… Zou ik dan eindelijk echt iets gaan begrijpen van die ´echtelijke plichten´?

14-09-07

Huwelijksreis III

Donderdag 13-09-07

Vandaag staat de Island Tour op het programma, een rit over de gehele kustweg die tevens ook de enige weg is over het eiland. Onze gids en chauffeur, Handel Franklin, blijkt een grote, forse, zwarte man met twee opvallende gouden oorringen en maar liefst drie mobiele telefoons. Hij werkt voor Ted´s Sunshine Tours en is daarnaast, zoals zovelen op dit eiland, muzikant en taxichauffeur.
We vertrekken onder een deels betrokken lucht. Het is erg warm en de airco in het busje blaast volop. Naast de vier mensen die Handel bij Toucan Inn heeft opgepikt gaat er nog een stel (mede-honeymooners uit Alkmaar) mee dat we eerst gaan ophalen uit een hotel in Scarborough. Dan is het gezelschap compleet en kan de Tour echt beginnen.
We kijken onze ogen uit onderweg. Wat opvalt is hoe groen en hoe schoon alles op het eiland is. Natuurlijk ligt er hier en daar wel eens wat maar over het algemeen is toch de indruk dat er zeer regelmatig wordt opgeruimd en er duidelijk moeite wordt gedaan om het opgeruimd en schoon te houden.
Tijdens de rit vertelt Handel over het eiland en ook bij de diverse stops laat hij ons delen in zijn kennis. Zoals bijvoorbeeld over de ´Trumpet Tree´. Dit is een van oudsher bekend ´bushmedicine´ voor ´internal cleansing´. Of, zoals Handel het uitdrukt: ´It takes you to the toilet!´. We genieten onderweg volop van de panorama´s en kleine, onbedoelde kijkjes in het privéleven van diverse eilandbewoners. Er zijn vele ´kodak-momenten´ maar als we steeds zouden stoppen gaat een tour als deze zeker dagen duren. We komen langs ´King George Bay´ waar iedereen die dat wil een huisje mag bouwen, zij het niet in beton. Bovendien is deze plek erg windgevoelig tijdens ´Hurricane Season´ en dus wordt er (nog) niet heel veel gebouwd. We zien ook een ´Silk Cotton Tree´, een boom die heel oud kan worden. Het exemplaar dat we zien is minstens vierhonderd jaar oud. Vlak erbij staat een verlaten en zeer vervallen huisje aan de weg waar ik een aantal mooie plaatjes kan schieten. Gestopt wordt er ook op ´Mount Dillon´ vanwaar we een mooi uitzicht hebben over het eiland en de drie gezusters (een paar rotsformaties) in zee. Hier treffen we ook een van de grootste understatements aan. Op een bord aan het begin van een zijweg staat de tekst ´Caution! This road is unsafe for vehicular traffic.´ Eén blik op de weg maakt duidelijk dat dat geen overbodige waarschuwing betreft..
De volgende stop is voor een uitzicht op ´Englishman´s Bay´. Dit is het punt waar, volgens de overlevering, de ontdekkers van Tobago voor het eerst aan land kwamen en het ziet er ook precies zo uit als je je zo´n plek zou voorstellen. En dat blijkt des te meer als we een tijdje later over het strand wandelen. Het is zo´n plek waar je je, zonder al te veel moeite, nét zo goed in 1700 kan wanen als in 2007. Mijn liefste laat zich hier verleiden tot de aanschaf van een tweetal omslagen door een, in een zeer luidruchtig maar kleurrijk streepjespak gestoken verkoper voor de som van $ 220 TT. Hier treffen we ook de zoveelste waarschuwing aan bij een exemplaar van de ´Machineel Tree´ waar we al vaak over hebben gehoord. Deze boom is dermate giftig dat zelfs bij het eronder schuilen tijdens een regenbuitje er al grote brandblaren op de huid kunnen ontstaan. Het ´Do not touch!´ staat er blijkbaar niet voor niets.
Als we even later weer door de bergen rijden komen we langs de plek die algemeen wordt gezien als het middelpunt van het eiland. En precies op die plek staat een eenzame koe te grazen. Op mijn vraag waarom er op die plek een koe is neergezet i.p.v. een bord of andere aanduiding moet Handel het antwoord schuldig blijven. Hij bekent even later dat hij die vraag echt nog nooit heeft gehad.
Lunch wordt genuttigd in ´Jemma´s Treehouse´ in Speyside. Een befaamd restaurant dat rond een boom is gebouwd. Het restaurant staat te boek als een ´must see´ op het eiland maar buiten het feit dat je zowat, als het ware, in de branding zit te eten zien we niet echt een reden om dit etablissement aan iemand aan te raden. Zeker niet als je verblijft aan de andere kant van het eiland. Maar wellicht wordt ons oordeel enigszins vertroebeld door het feit dat het aan deze kant van het eiland, de kant waar de duik-toeristen zitten in hun ´all-in resorts´, vandaag zowat continu regent.
Na de lunch doen we nog de plek aan van het voormalige ´Fort Danby´ waar de stoffelijke resten van Mr James Clark als sinds de 6e juli 1772 rusten, al moet je goed zoeken om zijn grafzerk te kunnen vinden, en stoppen we bij ´Argyle Waterfalls´. Dit zijn de hoogste watervallen op het eiland en je kunt/ mag er alleen onder de deskundige begeleiding van een erkend gids naar toe wandelen. Onze gids blijkt een krasse oude(re) dame die de tocht naar boven op grote rubberlaarzen moeiteloos volbrengt. In tegenstelling tot enkele leden van ons groepje die toch heel wat meer moeite met het tochtje hebben…inclusief de schrijver dezes.
Al met al was het een lange dag met veel indrukken en veel ´photo-opportunities´ die aan ons nogal tamme reisgezelschap volledig voorbij zijn gegaan. Als we dan rond 18.00 u weer in ons hotel terug zijn ben ik uitgeput. We doen een kort aperitiefje, eten een hapje in het hotel en liggen daarna vroeg onder de lakens.

13-09-07